|
Op zondag 3 januari 2010 werd de
gerenoveerde hefboombrandspuit uit 1862 officieel gepresenteerd aan
burgemeester Kerckhaert en de brandweerkorpsen uit Hengelo en Borne.
Uiteraard in aanwezigheid van de dames en andere genodigden. 2˝ jaar is
er door ons bestuur en technische commissie hard aan gewerkt en het
resultaat is zeer naar tevredenheid.
De presentatie werd in een historisch jasje gestoken. Dit geschiedde
door commandant Albert Gieling en voorzitter van onze stichting HBH Theo
Fortgens. Eerst genoemde was voor even de brandweercommandant van de
Hengelose brandweer anno 1862 en Theo Fortgens was de directeur van de
Franse firma voor hefboombrandspuiten.
Als eerste nam de commandant het woord:
”Van harte welkom bij de nieuwjaarsreceptie van de brandweer op deze
derde januari van het jaar 1862. Het belooft een goed en vooral veilig
jaar te worden voor de brandweer en voor de ingezetenen van Hengelo en
Borne. Ik zal u uitleggen waarom.
Al ruim een halve eeuw beschikt de gemeente Hengelo over de eerste
Hengelose hefboombrandspuit. Deze brandspuit, de Spuit I, is omstreeks
1810 aangeschaft voor een bedrag van fl. 110,-. In 1827 kwam de tweede
hefboombrandspuit in gebruik, de Spuit II, die in tegenstelling tot
Spuit I ook mag worden gebruikt buiten Hengelo, bijvoorbeeld Borne.
Hoewel beide spuiten een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan de
brandveiligheid in onze gemeente, zijn beiden inmiddels gedateerd. Het
gaat in beide gevallen om hefboomspuiten met uitsluitend een perspomp.
Dat wil zeggen dat de brandspuiten in staat zijn om water vanaf de pomp
op de brand te spuiten, maar dat de pomp zelf nog met blusemmers moet
worden gevuld Dat dit een heel karwei is, blijkt uit de bezetting van
een spuit die bestaatuit het respectabele aantal van 132 personen,
bestaande uit; brandmeesters, lapzak-, haspel-, lantaarn-, ladder-, haak-
en slangdragers, alarmmakers, straalpijpleiders en vooral pompers.
Ook van de ingezetenen wordt een bijdrage gevraagd ingeval van brand. In
het raadsbesluit van 14 augustus 1846 is immers verplicht gesteld dat
iedere ingezetene dient te beschikken over minimaal 1 blusemmer en dat
iedere ingezetene verplicht is de ‘bij hem voorhanden zijnde emmers naar
de plaats van de brand te zenden. De brandmeesters zullen na het
blusschen van den brand, alle emmers op een geschikte plaats doen
brengen om dezelfde dag aan de eigenaars onder hun opregt terug te geven.’
Vanaf heden, den derde januari van het jaar 1862, beschikt onze
brandweer over de eerste hefboombrandspuit met zuig-/perspomp. Het
nieuwste van het nieuwste. De nieuwe hefboomspuit beschikt over een pomp
met niet alleen een persfunctie, maar ook een zuigfunctie. Hiermee is de
nieuwe spuit in staat om het benodigde bluswater rechtstreeks uit de
grachten of blusvijvers aan te zuigen.
Dames en heren, ik kan u verzekeren het in dienst nemen van deze
hefboomspuit belangrijke gevolgen zal hebben voor de brandveiligheid in
onze stad, maar ook voor de organisatie van ons brandweerkorps. Hoe komt
nu ons brandweerkorps aan het nieuwste van het nieuwste op
brandweergebied ? En wat kan deze hefboomspuit met zuig-/perspomp nu
precies ? Voor het antwoord op deze vragen geef ik nu graag het woord
aan de heer Fortgens.”
Vervolgens kwam Theo Fortgens, directeur van de Franse firma voor
hefboombrandspuiten aan het woord:
”Leden van het Korps Saveurs et Pompiers van Hengelo, de firma Gyon
Freres uit Dole in Frankrijk voelt zich erg vereerd om door zo’n
belangrijk korps als het uwe te zijn geselecteerd om onze hoogst moderne
hefboombrandspuit te leveren. We leven nu in het jaar 1862 en deze spuit
betekent een grote stap vooruit als het gaat over efficiënt en effectief
uitvoeren van bluswerkzaamheden.
Uw commandant heeft het al gezegd. Vanaf heden zullen weinigen het werk
kunnen doen van velen. Zo is door onze ontwikkeling de blusemmer
eigenlijk verleden tijd geworden. Tot gisteren moest u om te kunnen
spuiten, nog het reservoir vullen met water dat u in de blusemmers
aanvoerde. Vanuit het reservoir kon het bluswater dan met een perspomp
die met mankracht wordt bediend, de hoogte in worden gebracht.
Levensgevaarlijke situaties in de winter waar een wak gehakt moet worden
en met gevaar voor eigen leven het bluswater dan uit het wak moet komen,
zijn nu verleden tijd. Het wak moet er komen, dat is duidelijk, maar dan
gaat de slang er in en zuigt de nieuwe pomp het bluswater eenvoudig naar
zich toe om vervolgens ook weer onder druk de lucht in te gaan. De
zuigpomp heeft een 1- pk aandrijving aan de voorkant en die loopt op
hooi.
Ik sluit niet uit dat in de toekomst verdere ontwikkelingen in
blusmaterialen en inzichten zullen leiden tot een verdere vernieuwing
van materieel en dus de opzet van korpsen.
Gyon Freres wil u hierbij graag van dienst zijn.”
Hierna werd de hefboombrandspuit door de twee afdelingchefs van de
fabriek, Jan Leeftink en Jan Wilmink, onthuld door het verwijderen van
de korpsvlag.
|
|
Na het nodige vooroverleg i.v.m.
overnamekosten en de conditie van het materiaal ging een delegatie van
ons bestuur en technische commissie op woensdag 28 februari 2007 naar de
familie Collin in Castenray (nabij Venray) om de onderdelen van de
hefboombrandspuit op te halen. Het was voor iedereen overduidelijk dat
het een gigantische klus zou worden. Het hele houten frame moest
nagemaakt worden en ook de wielen gaven de nodige kopzorgen. Het
ijzerwerk was wel aangeroest, doch dat was met de nodige inspanning wel
weer in goede conditie te krijgen. Door het secretariaat werden in
overleg stappen ondernomen voor sponsoring. Naast enkele kleinere
toezeggingen werd ook een hoofdsponsor gevonden.
Op 12 maart 2007 werden de onderdelen gesorteerd en per functie bij
elkaar gelegd. Hierbij kregen wij een inzicht wat er allemaal aan werk
op ons lag te wachten. Nu werd overlegd bij welke renovatiewerkzaamheden
bepaalde experts dienden te worden betrokken om ons te voorzien van
goede adviezen en assistentie.
Aangezien het hoofdframe in vele uit elkaar gevallen onderdelen was
meegekomen, was de maatvoering niet te herleiden. Om een goed inzicht te
krijgen in de samenhang van meerdere onderdelen werd een bezoek gebracht
aan het brandweermuseum in Rijssen. Hier werden maatschetsen en meerdere
detailfoto’s gemaakt. Vervolgens werd onder leiding van Joop Dekker een
plan van aanpak opgezet.
Het belangrijkste was om goed hout te vinden en een vakman die het
hoofdframe hieruit ging maken. Henk Bisseling en De Jong Parket waren
hierin de aangewezen personen.
Het pompmechanisme werd uit de waterbak gedemonteerd. Hierbij bleek de
koperen binnenbekleding van de houten bak de nodige aandacht nodig te
hebben. Deze werd gedeeltelijk vernieuwd en het pompmechanisme kreeg een
grote onderhoudsbeurt. Het inspan met draaimechanisme was nog in
redelijke staat en kreeg alleen een opknapbeurt. Voor het renoveren van
de wielen werd assistentie gevraagd van de wielenmaker van Twickel. Hier
bemoeide zich Huub Koopman mee. Inmiddels waren meerderen bezig met
verder pasmaken en fijnbewerken van de houten opbouw. Jan Leeftink en
Harry te Lintelo hadden hier een groot aandeel in. Vooral de langwerpige,
rondgebogen zuigslangbak vroeg veel reparatie. Het ijzerwerk werd
gezandstraald en in de grondverf gezet door Jan Wilmink. In februari
2009 kon een voorlopige samenbouw worden gerealiseerd. De nodige
onvolkomenheden in pasvorm werden nu weggewerkt. In maart 2009 was het
zover dat het hele gerenoveerde pakket naar de schilderschool
”Schilder^s Cool” kon worden gebracht om geschilderd te worden. Het
schildersmateriaal werd gesponsord door ”Decokay Woerdman-Eijssink” uit
Enschede. Daarna werd in augustus 2009 het compleet geschilderde pakket
overgebracht naar de kazerne Post Noord voor definitieve samenbouw.
Tijdens de Open Dag op 26 september 2009 werd de nieuwe trots van onze
stichting HBH, vooruitlopend op de presentatie op 3 januari 2010, aan
het publiek geshowd.
|